Na overlijden bleek pot geld waard

Na een overlijden volgt er een aangifte voor de erfbelasting. Erfgenamen moeten belasting betalen over de waarde van wat hun is nagelaten. Daarbij is bepalend de (verkoop)waarde van goederen op de datum van het overlijden. Dat daarover soms zeer uiteenlopende inzichten kunnen bestaan, blijkt uit een recente rechterlijke uitspraak.

Tot de nalatenschap van een overleden persoon behoorde een antieke Chinese pot. In de aangifte werd daaraan een totale waarde toegekend van € 12.500. Later vulden de erfgenamen de al ingediende aangifte aan. Deskundigen hadden namelijk getaxeerd dat de pot € 100.000 waard zou zijn en voor dat bedrag volgde ook een aanvulling op de aangifte. De fiscus legde de aanslag op en hield rekening met het aangegeven bedrag van € 100.000. Vervolgens werd de pot 20 maanden na het overlijden op een veiling in Londen verkocht voor € 23 miljoen. Toen kwam de fiscus weer in actie en legde voor die waarde een navorderingsaanslag op. De kwestie kwam uiteindelijk voor de rechter. Die moest een oordeel gaan vellen over de waarde van de pot op de sterfdag. Was de pot nu € 23 miljoen, € 100.000 of toch nog een ander bedrag waard?

De rechter kwam tot het oordeel dat de waarheid en de waarde ergens in het midden zouden liggen en schatte de waarde op de sterfdag op € 10 miljoen. De prijs die op een veiling tot stand komt was volgens de rechter bij uitstek de juiste waarde in het economische verkeer. De geschatte waarde van € 10 miljoen hield rekening met het na het overlijden sterk gestegen prijsniveau van antiek Chinees porselein.

Aan de ene kant is deze uitspraak erg zuur voor de erfgenamen. Die moeten nu aanzienlijk meer erfbelasting betalen. Aan de andere kant hebben ze een recordopbrengst behaald waar ze zelf en in ieder geval ook de deskundigen op de sterfdatum waarschijnlijk niet hadden gerekend.

Tegenwoordig brengen goederen vaak minder op dan gedacht. Daardoor is deze rechterlijke uitspraak weliswaar voor deze erfgenamen nadelig geweest, maar kan ze voor anderen weer perspectief bieden. Want ook gebeurtenissen ná overlijden tellen dus mee en geven misschien een betere indicatie van de waarde op de dag van overlijden dan op dat moment is in te schatten. Zo hoeft een eventueel verlies niet in de (doof)pot te verdwijnen.

Van Vugt & Van Hulten Belastingadviseurs, augustus 2013